Tekst Gert Riphagen

De baas van de ANWB is tegenwoordig een CEO, een Chief Executive Officer, zo viel mij laatst op in het maandblad van deze organisatie. Niet gewoon directeur, of desnoods algemeen directeur. Nee, een van de grootste verenigingen van Nederland heeft een heuse CEO, een functie die je eerder zou verwachten bij grote buitenlandse bedrijven of internationaal georiënteerde Nederlandse bedrijven, dan bij een ledenorganisatie.

‘De hedendaagse chiefs redden zich voorlopig nog wel’

De term CEO staat symbool voor de opwaardering van functies bij organisaties. Die ontwikkeling is al een tijdje gaande. Zo zijn directeuren hoofddirecteuren geworden en hoofddirecteuren op hun beurt voorzitters van raden van bestuur. En daar is weer de CEO uit voortgekomen. Iedereen wil hogerop in organisaties. Dat doet een beetje denken aan de Engelstalige uitdrukking Too many chiefs, not enough indians. Die staat symbool voor een situatie met te veel mensen die opdrachten geven en te weinig mensen om ze uit te voeren. De uitdrukking werd voor het eerst gebruikt in de Verenigde Staten. Dat gebeurde in een nieuwsartikel in 1947 waarin werd vermeld dat het aantal officieren in het Amerikaanse leger relatief enorm was gestegen. Zo telde het Amerikaanse leger in de Tweede Wereldoorlog 1 kolonel op elke 755 soldaten. Na de oorlog en de demobilisatie waardoor het aantal soldaten in het leger enorm was teruggelopen, telde het leger slechts 1 kolonel op nog maar 165 soldaten.

Verengelsing De opwaardering van leidinggevende functies gaat taalkundig vaak hand in hand met verengelsing van de termen. CEO is de meest bekende loot aan deze stam, overgewaaid uit de Verenigde Staten in een tijd dat wij nog van directeur of hooguit directievoorzitter spraken. De CEO is doorgaans de hoogste bestuurder van een onderneming. Hij of zij wordt daarvoor ook rijkelijk beloond. Bij een beursgenoteerde onderneming in Nederland verdient zo iemand gemiddeld 3,8 miljoen euro per jaar, lees ik in een artikel op Consultancy.nl. De CEO wordt in het bestuur gesecondeerd door de CFO, de Chief Financial Officer. De voormalige hoofdboekhouder is nu de hoogst verantwoordelijke voor financiën in een bedrijf. Toch wel goed voor gemiddeld 2,4 miljoen euro bij een beursgenoteerd bedrijf in Nederland, zo meldt datzelfde artikel op Consultancy.nl. Daarmee is de kous niet af. Met de opkomst van het internet en de fenomenale groei van de digitale wereld heeft ieder zichzelf respecterend bedrijf inmiddels een CIO, een Chief Information Officer. De CIO is binnen een organisatie verantwoordelijk voor de informatievoorziening, met name die via de informatie- en communicatietechnologie (ict). Op ITpedia lees ik dat de CIO zo’n 20 jaar geleden nog begon als afdelingshoofd van de computerafdeling maar nu verantwoordelijk is voor ‘het creëren van bedrijfswaarde door het inzetten van technologie en het plannen van strategische doelstellingen voor bedrijfsgroei’. Dat is wel even iets anders dan het inkopen van laptops of het uitleveren van de eerste Nokia’s. Tegenwoordig gaat de CIO over zaken als kunstmatige intelligentie, de schier onuitputtelijke mogelijkheden van het internet en het bestrijden van cyberaanvallen van buitenaf.

Chief-stam Dan hebben we ook nog de CCO, de Chief Commercial Officer. De term commercieel directeur volstond kennelijk niet meer. De CCO is binnen een bestuur verantwoordelijk voor verkoop en marketing en draagt bij aan het commerciële succes van een bedrijf. In wat voor sommigen de prehistorie lijkt, deed zo’n commercieel directeur de productontwikkeling er gewoon bij. Tegenwoordig wordt die uitbesteed aan de CTO, de Chief Technology Officer. Voorheen noemde je zo iemand technisch directeur, met als kerntaak technische en wetenschappelijke zaken binnen een bedrijf, onder meer wat betreft innovatie, het ontwikkelen van nieuwe producten en productie­technologie. Wordt het allemaal erg wetenschappelijk, dan is er tegenwoordig de CSO, de Chief Scientific Officer. Functies als hoofd wetenschapsontwikkeling of hoofd van het ene of andere laboratorium of hoofd onderzoek waren niet imposant genoeg. De CSO staat nu aan het hoofd van het geheel aan onderzoeksinspanningen dat een bedrijf levert.  Een van de laatste loten aan de Chief-stam is die van de CISO, de Chief Information Security Officer. Waar voorheen een hoofd beveiliging nog volstond, is de rol van de CISO opgewaar­deerd tot eerstverantwoordelijke voor het implementeren van het informatie­beveiligingsbeleid en het toezicht daarop. Oftewel, een evolutie van toezicht op de voordeur van een fysiek pand naar toezicht op de cloud waarin al onze informatie ligt opgeslagen vandaag de dag; een eigentijdse wolkenridder dus.

Plezier Duizelt het u al een beetje? Zo niet, dan is er nog de COO, de Chief Operational Officer, verantwoordelijk voor het primaire proces binnen een bedrijf of organisatie. De COO is eindverant­woordelijk voor de operatie. Voorheen heette zo iemand gewoon bedrijfsleider of later ook wel uitvoerend directeur. De COO is verantwoordelijk voor de efficiënte operatie en uitvoering. Hij of zij moet ervoor zorgen dat de mensen op de werkvloer hun werk goed doen. Maar hebben mensen wel plezier in hun werk? Daar wordt ook aan gedacht. Want de allerlaatste vernieuwing betreft de CHO – de Chief Happiness Officer. Het is geen grap, de functie bestaat echt! De CHO stimuleert het werkgeluk binnen een organisatie. Het beroep van CHO is ontstaan uit het toenemende besef dat werkgeluk een belangrijke voorwaarde is voor het leveren van prestaties op het werk. Uitjes van de personeelsvereniging naar De Efteling of een directiebrede workshop trommelen alleen zijn niet meer voldoende voor het psychisch welbevinden van de werknemers vandaag de dag. Daar moet een echte chief over gaan. CEO, CIO, CCO, CTO, CSO, CISO, COO, CHO.  Too many chiefs, not enough indians. Met de indians is het in de geschiedenis, zoals we allemaal weten, niet zo goed afgelopen, maar de hedendaagse chiefs redden zich (voorlopig) nog wel! ◼

Deel dit artikel