Deltacommissaris voor de leefomgeving

We zien in Nederland al jaren een enorme woninggekte. Het huizenaanbod blijft ver achter bij de vraag en overbieden is eerder regel dan uitzondering in de Randstad. Maar ja, de waarschuwing “let op: geld lenen, kost geld” gaat met de huidige rente­stand voor nieuwe hypotheken nog maar beperkt op. Met jaarlijks zo’n 125.000 nieuwe toetreders tot de woningmarkt en met minder dan 70.000 nieuwe woningen per jaar wordt het probleem alleen maar groter. Volgens de verschillende planbureaus komen er in de Randstad de komende 2 decennia zo’n 1 miljoen inwoners bij. Dat is eenzelfde groei als de afgelopen 20 jaar. Met de steeds kleiner wordende gezinsomvang betreft de woningbouwopgave zo’n 500.000 extra woningen in de Randstad in de komende 20 jaar. Onderliggend aan de gesignaleerde problematiek speelt een brede systeeminnovatie die kan worden geduid als integrale gebiedsontwikkeling. Bij deze systeeminnovatie zijn grote belangen en vele belanghebbenden betrokken. Drie essentiële vragen leggen de complexiteit bloot. Ten eerste de vraag: wie heeft er belang bij? De strijd om schaarse ruimte gaat over grondeigenaarschap en wat je met het eigenaarschap wilt. Maar de lokale en regionale politiek strijden hier ook om voorrang. De afweging tussen economie, infrastructuur, woningbouw en natuurlijk de befaamde campussen hangt sterk af van de – tijdelijke – zittende macht.

Michiel Jak is samen met Hans Bakker en Dirk-Jan de Bruijn de auteur van Ladders tegen Wolken. In dit boek maken ze inzichtelijk hoe nieuwe vormen van sturing en leiderschap eruitzien en in de taaie praktijk succesvol kunnen worden toegepast. Voor meer informatie en bestellen, ga naar de website van Publiek Denken.

Hiermee komt de tweede vraag in beeld: wie gaat er eigenlijk over? De private kant heeft zijn eigen dynamiek, maar is redelijk overzichtelijk. Aan de publieke kant zien we gemeenten, provincies en het rijk worstelen. Het integraal invullen van deze ruimtelijke opgave kan en mag niet zonder bovenregionale regie worden aange­pakt. Gebiedsinrichting gaat over het samenbrengen van complexe pijlers als bereikbaarheid, wonen, werken, recreëren en energie. Dit kun je niet per gebiedje optimaliseren, maar moet je doen op een minimale kritische schaalgrootte. Denk vanuit de integrale opgave in plaats vanuit de losse pijlers. En met het benodigde ecosysteem komt ook de derde vraag aan bod: wiens probleem is het eigenlijk? Want was het niet Gandhi die vrij vertaald zei: alles wat je voor mij doet, maar zonder mij, doe je tegen mij? Als overheden praten over wat inwoners en ondernemers zouden moeten willen en het voor hen invullen zonder hen actief te betrekken, is het gedoemd om te mislukken. Het kader en de regie op deze systeeminnovatie moet vanuit een brede en diepe politieke coalitie worden geïnitieerd om daarmee simultaan onze grootste maatschappelijke uitdagingen ruimtelijk te laten neerslaan. De urgentie is zonneklaar, alle partijen moeten schouder aan schouder staan en alsjeblieft géén macht- of structuurdiscussies en ten slotte moet er een glasheldere gemeenschappelijke ambitie staan. Energietransitie, leefbaarheid en brede welvaart komen allemaal bijeen in het fysieke domein en synergie tussen deze transities is absoluut noodzakelijk. Het is ons eerder gelukt om droge voeten te houden met een deltaplan en een Deltawet. Tijd voor een deltacommissaris voor de leefomgeving?

Deel dit artikel