Wijkgericht werken vraagt nieuwe skills van ambtenaren

Tekst Pieter Verbeek

Beeld Torval - CC BY-SA 3.0

Wijkgericht werken staat steeds hoger op de agenda bij gemeenten. Dat betekent niet dat alle ambtenaren in de gemeentelijke organisatie ermee bekend zijn. Hoe zorg je ervoor dat je in gezamenlijkheid de relatie tussen gemeente en wijk versterkt?

Leon van der Elsen
‘Soms loop ik tegen de starheid bij de gemeente aan’

Wijkgericht werken is niet meer weg te denken in Venlo, vertelt Leon van der Elsen, stadsdeelmanager voor de wijk Venlo-Oost. ‘We gaan er steeds meer naartoe dat we als gemeente anticiperen op de wensen van de samenleving. In de wijk komen gemeentelijke taken samen en kun je oplossingen bedenken mét inwoners. Dat vraagt wel een andere manier van denken van de gemeente. Waar doe ik het voor?’

Als wijkambtenaar loopt Van der Elsen soms aan tegen de starheid op het gemeentehuis. ‘De gemeente Venlo is een organisatie met duizend medewerkers. Daar zijn regels en protocollen voor nodig. En die zijn nu eenmaal een stuk starder dan de dynamiek van de samenleving. In stapjes zijn we nu bezig om deze systeemwereld beter te laten aansluiten op de leefwereld.’

Een voorbeeld in Venlo is de uitbreiding van de buitenruimte rond een oud klooster. De stichting voor persoonlijke ontwikkeling die er zit, wil de buitenruimte aanpakken. Het parkeerterrein is nu van zand en moet geasfalteerd worden en de moestuin uitgebreid. ‘Als stadsdeelmanager heb ik niet de specifieke informatie in huis, dus ik moet collega’s benaderen op verschillende afdelingen,’ vertelt Van der Elsen. ‘Van parkeren, asfalt, groen tot cultureel erfgoed. Het is enorm lastig om iedereen tegelijk hierover aan tafel te krijgen, of om iemand te vinden binnen het gemeentehuis die dit coördineert. Het lukt steeds beter, maar het blijft een hell of a job om dat voor elkaar te krijgen.’


Gezicht naar buiten

Als stadsdeelmanager noemt Van der Elsen zichzelf het gezicht naar buiten toe van de gemeente in de wijken. Hij zit dan ook veel met bewonerscollectieven aan tafel. ‘Wat ik daar ophaal, neem ik mee de organisatie in. Mijn doel is echt om een vitale gemeenschap te ontwikkelen, eentje die het eigen stuur in handen heeft voor zaken als veiligheid en fysieke ruimte.’  

In Venlo-Oost gaat dat de goede kant op. Er zijn drie grote bewonerscollectieven actief, en er ligt een wijkontwikkelplan waarbij de gemeente zo kan aansluiten. Van der Elsen: ‘We zitten nu in een bepaalde structuur die steeds beter de verbinding met die leefwereld maakt. Dit doen we met  gebieds- en serviceteams, inclusief woningcorporaties en politie. Het zou fantastisch zijn als straks de overheid naar de achtergrond verdwijnt en de samenleving zelf de agenda bepaalt. Er zal altijd spanning blijven bestaan, het heeft tijd nodig. Toch zie ik wel een kanteling ontstaan naar die vitale gemeenschap. De wereld verandert en wij moeten mee veranderen. Hoe we dat vormgeven, daar zijn we elke dag mee bezig.’


Schiedam

In Schiedam staat integraal werken al langer centraal. Ambtenaren van het stadskantoor maken graag gebruik van de netwerken en contacten van de wijkambtenaren, die hier wijkregisseurs heten. ‘Toen ik vier maanden geleden begon in mijn functie, heb ik meteen een van de wijkregisseurs benaderd,’ vertelt Iris Lommerse, beleidsambtenaar cultuur bij de gemeente Schiedam. ‘Zij hebben de contacten in de wijk met inwoners, zij weten waar de wensen en behoeften liggen. Het is heel belangrijk om integraal te werken, zo voorkom je een hoop discussie.’

Als gemeente kan je dan ook niet meer om je inwoners heen, stelt ze. Dat bleek wel een paar jaar geleden bij de herinrichting van de Maasboulevard, een prachtig gebied direct aan de rivier waar de Schiedammer vaak komt recreëren en genieten van de voorbijvarende schepen op de Nieuwe Waterweg. Daar kom je niet zomaar aan. ‘We willen het gebied actiever gaan herinrichten. We gaan eerst nadenken hoe,’ zegt Marcel Kreuger, wijkregisseur Spaland-Sveaparken, Zuid en Woudhoek. ‘Nu kijken we eerst goed naar wie er allemaal belang bij heeft, hoe we deze mensen erbij kunnen betrekken en hoe we de participatie het best organiseren.’


Iris Lommerse
‘Door integraal te werken, voorkom je discussie’

Marcel Kreuger
‘Wat wijk­­regisseurs willen, past niet altijd in het beleidsplan’

Werken met intuïtie

Als wijkregisseur heeft Kreuger een verbindende rol. Maar hij beseft ook hoe belangrijk de verbinding is met de collega’s op het stadskantoor. ‘Omdat ik inmiddels al 10 jaar in de wijken werk, doe ik veel dingen op intuïtie,’ vertelt Kreuger. ‘Ik ken de bewoners en mijn collega’s. Op die manier ga ik dan een proces in. Dat wordt niet altijd gedeeld door mijn collega’s bij de gemeente. Wat voor mij vanzelfsprekend is, is dat niet altijd voor hen. Het is daarom goed om na te denken over de stappen die ik neem: even dat stapje opzij te zetten en me afvragen: deelt iedereen mijn beeld, mijn inschatting? Wat wij als wijkregisseurs willen, past niet altijd in het beleidsplan. Als wijkregisseur is het daarom goed om collega’s op sleeptouw te nemen. Ik zoek graag naar de plek waar je elkaar tegenkomt, zodat 1 plus 1 uiteindelijk 3 wordt.’


Beslissende stem

Een voorbeeld waar dat goed uitpakte was het plaatsen van een kunstwerk in samenspraak met bewoners. Na de afronding van een herinrichtingsproject, waarbij de straten een tijd opengebroken waren, kregen de bewoners de beslissende stem over het kunstwerk. Kreuger: ‘We hebben toen een methode ontwikkeld om bewoners te laten meepraten, waarbij we eerst hun behoeften ophalen, waarna kunstenaars een presentatie gaven aan de bewoners. Voorheen was dat niet zo. Dan werkten we aan projecten en wilden we deze zo snel mogelijk af hebben. We legden dan alleen het eindvoorstel voor aan bewoners. Het kostte veel tijd voordat we er samen uit waren. Nu duurt het misschien in het begin wat langer. Maar als je het participatietraject op orde hebt, kost het uiteindelijk veel minder tijd en moeite. Bovendien heb je dan een product waarover iedereen tevreden is. Dat is integraal werk in optima forma.’ ◼

Deel dit artikel