Roer recht

De uitslag van de recente Duitse verkiezingen heeft tot vele analyses geleid over de gevolgen voor Nederland en Europa. In termen van (economische) afhankelijkheid en de richting van het beleid is dit logisch want als Duitsland niest, is de rest van Europa verkouden. Maar de regeringstransitie in Duitsland en zelfs de Franse presidentsverkiezingen in april volgend jaar zijn wellicht niet de belangrijkste veranderingen die op spel staan voor Europa. De nieuwe Duitse regering is gekozen op een programma van continuïteit en de Franse president Macron heeft vooralsnog een comfortabele voorsprong op Le Pen in de peilingen. Veel belangrijker lijkt de transitie die zich langzaam voltrekt in verschillende kleine Oost-Europese lidstaten. Zo verloor begin oktober de populistische, antiliberale en anti-Europese premier van Tsjechië Andrej Babiš de verkiezingen van SPOLU, een Europees gezinde bonte coalitie van oppositiepartijen. Na de eerdere verkiezingswinst van de anti-corruptiebeweging in Slowakije, betekent dit een verdere verzwakking van de mondige Visegrád-groep die de laatste jaren beeldbepalend is geweest binnen Europa. Brede gelegenheidscoalities zoals de SPOLU werden electoraal lange tijd weinig kans gegeven omdat ze door hun diversiteit in denkbeelden inherent instabiel zijn en kabinetten doorgaans gevormd worden door ideologisch aanverwante partijen. Maar in het gefragmenteerde, populistische Europese politieke landschap lijkt deze politieke natuurwet niet langer te gelden. De aankomende verkiezingen in Hongarije kunnen deze transitie bekrachtigen. Ook in Hongarije hebben oppositiepartijen hun krachten gebundeld om als United Opposition (UO) de partij van Viktor Orbán – Fidesz – te verslaan. Even leek het initiatief ten onder te gaan aan interne rivaliteit tussen de drie topkandidaten. Maar nadat de liberale kosmopolitische burgermeester van Budapest zich had teruggetrokken ten faveure van de conservatieve kandidaat Peter Marki-Zay, die ook de achterban van Orbán aan kan spreken, is de UO er in geslaagd om een eenheidskandidaat naar voren te schuiven. De UO is al maanden verwikkeld in een nek-aan-nekrace met Fidesz in de peilingen. Als de UO het roer nu recht weet te houden, dan heeft ze een reële kans om Orbán te verslaan. Als ze daarin slagen is de rol van de Visegrád-groep als transnationale leider van het antiliberale gedachtegoed feitelijk uitgespeeld, en staat Polen er alleen voor. Slowakije, Tsjechië en Hongarije zijn slechts kleine staten en in termen van economische afhankelijkheid van miniem belang voor Nederland en de andere lidstaten. Maar in termen van transnationaal leiderschap, de eenheid en de identiteit van de EU, kan het resultaat van hun verkiezingen weleens belangrijker zijn voor Nederland en de toekomst van de EU dan die van de grote spelers.

Femke van Esch is hoogleraar European Governance en leiderschap van de EU aan de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschap (USBO). Samen met Jan Pieter Beetz schrijft zij bij toerbeurt over zaken die Europa aangaan. Het uitgangspunt: de Europese Unie is meer dan Brussel alleen.

Deel dit artikel