Wetgeving is het sluitstuk

Evangelie van hybride zorg

Tekst Jelle van der Meulen Beeld shutterstock

Vergrijzing, hogere kosten, te veel macht voor zorgverzekeraars of te lage salarissen voor het verplegend personeel: het is slechts een kleine greep uit de stapel problemen in de zorgsector. En toen kwam daar ook nog het coronavirus bovenop. Daardoor zijn de al veel langer bestaande problemen steeds meer zichtbaar geworden, op soms pijnlijke wijze. Het was al langer duidelijk, maar blijkt nu eens te meer: het roer moet om.

Zorgprofessionals hebben vertrouwen nodig om eigen afgewogen beslissingen te kunnen nemen

‘Er moet meer aandacht komen voor preventie’

Huisarts Peter de Groof is lid van het collectief Dappere Dokters – Optimale Zorg, dat aanbevelingen doet op het gebied van medische hulp en onderlinge samenwerking. ‘Een eerste constatering is breed gedeeld sinds de coronacrisis: de regie ontbreekt,’ zegt hij. ‘Zeker tijdens de eerste golf hebben professionals veelal zelf het initiatief genomen om dingen te regelen. Dat pakte heel goed uit. Het is al jaren onduidelijk waar in de regio de verantwoordelijkheden en prioriteiten voor samenhangend beleid liggen. Zorgverzekeraars hebben eigenlijk die rol, maar zij hebben die nooit waar kunnen maken. Maar centrale regie is niet de oplossing voor alle problemen, zoals je nu soms hoort. We hebben regie op hoofdlijnen nodig, waarbij de rijksoverheid grenzen en kaders aangeeft. Creëer in iedere regio een adequate regiefunctie, zodat de inwoners kunnen rekenen op passende zorg op de juiste plek. En geef tot slot professionals het vertrouwen om eigen, afgewogen beslissingen te kunnen nemen.’ Dat laatste raakt aan een bredere kwestie, zegt Dianda Veldman, directeur van Patiëntenfederatie Nederland. Zij stelt dat niemand werkelijk de baas is in de zorg. ‘Er zijn een heleboel meningen, maar wat we nodig hebben is dat men werkt aan hetzelfde plan en eenzelfde toekomst. Omdat niemand de baas is, gebeurt dat niet automatisch: er spelen verschillende belangen en verschillende prioriteiten – denk alleen al aan verzekeraars en aanbieders van zorg die recht tegenover elkaar staan. De overheid moet daarom meer toezicht houden en het zorgveld helpen heldere doelen te formuleren. Het stuk vrijblijvendheid moet eruit.’

Doorgeslagen kwaliteitsdenken Dat wil echter niet zeggen dat het zorgstelsel volledig op de schop moet, zeggen Veldman en De Groof. ‘Als je het volledig wilt hervormen, ben je zo 10 tot 15 jaar verder,’ zegt De Groof. ‘De rafelrandjes moeten eraf, hoewel dat natuurlijk al veel eerder had moeten gebeuren. Het belangrijkst is dat we vertrouwen geven aan mensen, zowel burgers als professionals. Geef bijvoorbeeld verpleegkundigen en verzorgenden de vrijheid het eigen werk in te richten. Er is een doorgeslagen kwaliteitsdenken geweest, waarin we vooral bezig zijn met registratie en administratie: veel zorgprofessionals zijn daar bijna de helft van hun tijd aan kwijt! Elk bedrijf zou in zo’n situatie allang over de kop zijn gegaan.’ Ook de systemen voor de nodige problemen. ‘De ict in instellingen is over het algemeen wel modern, maar het praat niet met elkaar,’ weet Veldman. ‘Iedere instelling heeft de eigen automatisering geregeld, waardoor je gegevens niet zomaar kunt uitwisselen met andere instellingen. Onlangs wilde men in ziekenhuis A, verder van mijn huis, mijn bloedgroep weten. Ik moest daarvoor bij hen geprikt worden. Toen ik vroeg of dat ook kon in ziekenhuis B — waarmee ziekenhuis A nauw samenwerkt en dat dichter bij mijn huis is — bleek dat geen mogelijkheid omdat de systemen niet met elkaar kunnen communiceren. Maar gelukkig is er inmiddels een vruchtbare bodem gelegd om die infrastructuur te verbeteren.’

Want juist op het gebied van technologie ziet Veldman dat de coronacrisis ook de nodige vooruitgang heeft opgeleverd. ‘Digitale zorg blijft vooral steken in innovaties, maar de mogelijkheden voor onlinezorg zijn ook enorm gegroeid. Hybride zorg, zowel fysiek als online, past bij de patiënt en past bij het proces. Neem de eerste diagnose: dat kan prima met een systeem gebeuren. Dat gaat dan in gesprek met een patiënt via een soort vraag-en-antwoordspel, en zo heb je de pretriage al gedaan. Of huisartsenzorg, dat voor een deel bestaat uit geruststelling. Als een systeem goed in elkaar zit, kan het dat doel uitstekend dienen.’ Een ander voorbeeld is telemonitoring, waarbij chronisch zieke patiënten zelf bepaalde dingen thuis kunnen meten. ‘Voor het meten van de bloeddruk of het zuurstofgehalte gaan mensen vaak naar het ziekenhuis, maar dat kan prima thuis,’ zegt Veldman. ‘Als je dat zelf kunt doen, hoef je alleen nog naar het ziekenhuis als er een afwijking is. Men denkt vaak dat arbeidsbesparende maatregelen slecht zijn voor patiënten, maar met dergelijke slimme toepassingen bespaar je geld, arbeidskracht en geef je mensen zelfvertrouwen en gerustheid.’

Groot denken, klein doen Veldman en De Groof hebben duidelijke ideeën over de zorgsectie in het regeerakkoord van een nieuw kabinet. Veldman hoopt op meer aandacht voor preventie en meer sturing door de overheid. Daarnaast moet hybride zorg geen optie, maar een eis worden. ‘Zet in het regeerakkoord dat, aan het einde van de kabinetsperiode, iedere zorginstelling hybride zorg biedt. Dat zou al zo enorm schelen. Dat moet de overheid afdwingen. Wetgeving is het sluitstuk, maar de overheid moet ook het evangelie verkondigen, stimuleren, financieren, leiderschap tonen en erop toezien.’ ‘We moeten niet blijven hangen in de vraag van meer of minder marktwerking,’ zegt De Groof. ‘Het is zaak de problemen concreet te benoemen en, nu we langzaam uit de coronacrisis raken, toe te werken naar een nieuwe visie. Dat gaat dus om meer dan alleen de zorg: de problemen zijn vergelijkbaar in het gehele publieke domein. Er zijn regels ingevoerd, waar weer regels bovenop kwamen, waardoor een heel ingewikkeld bouwwerk ontstaat waar niemand meer wijs uit wordt. We moeten weer terug naar het grote denken en het kleine doen.’ ◼

‘Met slimme toepassingen bespaar je geld en mankracht’

Deel dit artikel