5 x voorbereiden op de Omgevingswet

Slim en grensverleggend

Tekst Mirelle Kolnaar en Lars de Kruijf

De vijf genomineerden voor de Aandeslag-Trofee 2019 gebruiken stuk voor stuk slimme, innovatieve en vaak letterlijk grensverleggende manieren om zich voor te bereiden op de komst van de Omgevingswet. Vernieuwende aanpakken dus, die laten zien dat met de juiste mindset veel mogelijk wordt.

Criteria Aandeslag-Trofee

De vijf genomineerden wisten zich in het sterke deelnemersveld vooral te onderscheiden van de in totaal 28 inzendingen, omdat hun projecten goed scoren op de vijf criteria voor de Aandeslag-Trofee: bijzondere aanpak, digitale dienstverlening, ontwikkelen kerninstrumenten, samenwerking en maatschappelijke opgave.

‘Geef je mensen de ruimte, dan
kunnen er mooie dingen uit voortkomen’

Projectleider Wieteke de Vries

Wie: GGD’s Brabant

Wat: Brabantse Omgevingsscan (BrOS)

Uitdaging: Gezondheidsbeleving in kaart

Les: Samen scrummen leidt tot beter product


Omgevingsfactoren zijn van invloed op de gezondheidsbeleving van mensen. Maar om die invloed inzichtelijk te maken, en zo gezondheid een integraal onderdeel te laten worden van omgevingsvisies, moeten gegevens over de leefomgeving en over gezondheidsbeleving wél eerst gecombineerd worden.


Dat hebben de drie GGD’s in Brabant, samen met kennisinstituut Telos, gedaan in de Brabantse Omgevingsscan. Het ontwikkelteam gebruikte hiervoor onder leiding van projectleider Wieteke de Vries de SCRUM-methodiek. Hoewel die methodiek voor sommigen nieuw was, stelden alle betrokkenen zich er meteen voor open. Dat leidde tot een rijke database waarin iedereen online op wijkniveau – aan de hand van twaalf thema’s over de leefomgeving, zoals geluid, geur en verkeer – de gezondheidsbeleving van Brabanders kan raadplegen.


Ook stakeholders worden regelmatig betrokken bij de verschillende stadia van het SCRUM-proces. ‘Want je wilt wel een instrument maken dat ook daadwerkelijk door de beoogde doelgroep gebruikt wordt,’ redeneert De Vries. De Brabantse Omgevingsscan is nog niet gereed: het ontwikkelteam kijkt naar doorvertaling van de gegevens naar buurtniveaus en onderzoekt met veiligheidsregio’s of omgevingsveiligheidsdata kunnen worden toegevoegd.




‘Stel in eerste instantie de
behoeften van gebruikers centraal’

Projectleider Anita van Mulken en coördinator Marlouce Biemans

Wie: Impulsprogramma Omgevingsveiligheid

Wat: Landelijke Signaleringskaart Externe Veiligheid

Uitdaging: Gemeenschappelijke taal

Les: Bottom-up werken + bestuurlijke borging = hobbels wegnemen


Het is belangrijk om risicovolle activiteiten in de omgeving van kwetsbare objecten goed in kaart te brengen. Verschillende diensten inventariseren deze risico’s echter op hun eigen manier. Daardoor ontbreekt vaak een totaaloverzicht. Daarom ontwikkelde de projectgroep Data-Infrastructuur (DIS) van het Landelijk Impulsprogramma Omgevingsveiligheid (IOV) de Landelijke Signaleringskaart Externe Veiligheid.


Het begon allemaal met de Populatie­service, een programma dat personendichtheden in risico-omgevingen bepaalt. Maar al snel werd met de partners het ambitieuze plan gesmeed voor één landelijke kaart.


Dat was makkelijker gezegd dan gedaan. Maar door bottom-up te werken vanuit de behoefte en door bestuurlijke borging, slaagden projectleider Anita van Mulken en coördinator van het impulsprogramma Marlouce Biemans er toch in om alle organisatorische en technische hobbels weg te nemen en een integrale tool te ontwikkelen die de uitgangspunten van de Omgevingswet belichaamt.




‘Een nieuwe werkwijze vraagt om
veel tijd en energie’

Projectleider Yana van Tienen

Wie: Gemeente Doetinchem

Wat: Ontwerpend Onderzoek

Uitdaging: Een visie die dichter bij de uitvoeringspraktijk ligt

Les: Zoek naar de eenheid in verscheidenheid


Een visie die dichter bij de uitvoeringspraktijk ligt. Dat wil Doetinchem realiseren via Ontwerpend Onderzoek. Dat betekent samen met inwoners beleid maken. Een geheel nieuwe werkwijze, waarvoor projectleider Yana van Tienen en haar projectteam zowel binnen als buiten de organisatie flink moesten pionieren.


De aanpak kenmerkt zich door een mix van eenheid en verscheidenheid. Zo werd het grondgebied van Doetinchem in elf deelgebieden opgesplitst met elk een procesleider en kernteam dat op zoek gaat naar de opgaven van dat gebied.


Elk gebied kent twee prioritaire beleids­clusters, die bestaan uit een mix van thema’s en portefeuilles, waardoor de betrokken wethouders ook meer integraal en over de grenzen van hun portefeuille heen werken. Ook de participatie-aanpak varieert en sluit aan bij de dynamiek in het specifieke deelgebied. Zo wordt betrokkenheid vanuit bewoners en bedrijfsleven gestimuleerd, waardoor het beleid herkenbaarder wordt en initiatieven beter aansluiten bij de omgevingsvisie.




‘Het is niet meer van deze tijd om alleen naar je kerntaken te kijken’

Projectleider Andrea Swenne

Wie: Waterschap Vallei en Veluwe

Wat: Blauwe Omgevingsvisie

Uitdaging: Meer aandacht voor water in de leefomgeving

Les: Waterschappen kunnen goed uit de voeten met een eigen variant van de omgevingsvisie


Waterschap Vallei en Veluwe maakt zich hard voor een leefomgeving met aandacht voor het zichtbare en onzichtbare water. Het maakte daarvoor een eigen variant op de omgevingsvisie: de Blauwe Omgevingsvisie 2050 (BOVI2050). Het waterschap wilde hierin vooral laten zien hoe water en ruimtelijke ontwikkeling samenhangen. Daarom hebben ze nadrukkelijk medeoverheden, terreinbeheerders en anderen bij de ontwikkeling van de omgevingsvisie betrokken.


Zo ontstond een integrale manier van werken die ook kenmerkend is voor de nieuwe Omgevingswet. Projectleider Andrea Swenne en haar projectteam namen de eigen organisatie uitgebreid mee in hun “grensontkennende” aanpak. Dat leidde tot nauwere banden met medeoverheden en het besef dat je met samenwerking tot betere oplossingen komt. En dat inspireert: andere waterschappen werken nu ook aan hun eigen omgevingsvisie.




‘Als je met een heel goed plan komt, waarom zouden wij het dan niet willen?’

Jan Cas Smit, senior adviseur ruimtelijke ordening

Wie: Gemeente Meppel

Wat: Bestemmingsplan transformatie­gebied Noordpoort

Uitdaging: Kansen benutten door flexibele regels

Les: Neem drempels weg om kleur te geven aan een grijs gebied


Stel: je hebt een industriegebied dat verloedert, maar dat door zijn karakteristieke eigenschappen, gedreven inwoners en ondernemers toch veel potentie heeft. Maar regelgeving en financiën hinderen je om dat gebied te ontwikkelen. Dat was precies waarmee de gemeente Meppel worstelde. Totdat de Crisis- en herstelwet de ruimte gaf om industriegebied Noordpoort samen met inwoners en bedrijven te herontwikkelen tot een gebied met een mix aan functies als wonen, bedrijvigheid en recreatie. Zo experimenteert Meppel met een nieuwe rol: facilitator. Cruciaal hierbij: niet alles bedenken en bekostigen, maar drempels wegnemen. Om nieuwe gebruiksmogelijkheden te creëren moesten namelijk delen van het gebied worden “gedezoneerd”. Maar waar ruimte geboden wordt, zijn vaak ook kaders nodig om kwaliteit te borgen, wist senior adviseur ruimtelijke orden

Dus ontwikkelde de gemeente een “mengpaneel” met zeven “schuifjes” die omgevingskwaliteiten weergeven. Zo helpt het mengpaneel te sturen op kwaliteit bij initiatieven. ‘Je komt verder omdat je problemen samen aanpakt, voordat ze écht groot worden,’ vat Smit de aanpak samen. ◼

BrOS wint Aan de Slag-trofee 2019

De Brabantse Omgevingsscan is de winnaar van de Aan de Slag-Trofee 2019. De uitslag werd voor de helft bepaald door de stemmen van de publieke stemronde. De deelnemers aan het Praktijkfestival van 18 november jongstleden namen de andere helft van de stemmen voor hun rekening.

Deel dit artikel