Samen kun je meer bereiken dan ieder voor zich

Duurzame ambitie vraagt inzet meer middelen

Samen kun je meer bereiken dan ieder voor zich

Duurzame ambitie vraagt inzet meer middelen

Tekst Jelle van der Meulen Beeld Rodi Media

Met beperkte middelen is het niet mogelijk grote transities op gang te brengen, aldus wethouder in Delft Stephan Brandligt. ‘Als we structureel willen verduurzamen, moet er een tandje bij.’

‘Hoe bereik je gemeenten die niet aan tafel zitten?’

In Delft krijgt de energietransitie al aardig vorm. Met de aanleg van een warmtenet in de bestaande bebouwde omgeving wil het verschillende wijken voorzien van duurzame warmte. ‘Dat is waardevolle kennis die we opdoen,’ zegt Stephan Brandligt, wethouder Duurzaamheid, Werk en Inkomen en Financiën bij de gemeente Delft. ‘Maar hoe breng je die kennis breder het land in? Daar ligt precies de opdracht van DuurzaamDoor: leren, ervaren en die ervaring verspreiden.’

Green Village Brandligt is lid van de stuurgroep van DuurzaamDoor. Ook is hij actief bij vergelijkbare initiatieven zoals het Klimaatverbond en Gemeenten voor Duurzame Ontwikkeling (GDO). In de verschillende samenwerkings­verbanden ziet Brandligt dat er veel behoefte is aan het delen van kennis. ‘Gemeenten zijn weleens geneigd dingen allemaal zelf te willen uitvinden. Maar zodra er iets op tafel komt, is het goed om de vraag te stellen: wat heeft een andere gemeente misschien al bedacht? Het is erg belangrijk om alle kleine beetjes die gemeenten kunnen doen zo veel mogelijk bij elkaar te leggen. Samen kun je veel meer bereiken.’ De gemeente Delft kijkt bij elk project naar de mogelijkheden van samenwerking met de Green Village, een proeftuin voor duurzame innovaties op de campus van de TU Delft. ‘Daar brengen we kennis van onszelf en de universiteit meer op praktijkniveau,’ zegt Brandligt. ‘Daardoor komt het in de volgende opschalingsfase. Als gemeente kun je maar zo ver gaan met experimenteren en onderzoeken: het moet wel binnen het budget en de afgesproken tijd plaatsvinden. Hoe meer experimenteel, hoe onzekerder. Door samen te werken met de juiste partners hebben projecten een grotere kans van slagen.’

In de knel Brandligt ziet dat gemeenten die deelnemen aan DuurzaamDoor daar veel profijt van hebben. Maar hoe bereik je juist ook gemeenten die niet aan tafel zitten? ‘Misschien zouden we meer moeten doen met clubs als het Klimaatverbond en GDO, zodat ook zij zo veel mogelijk informatie verspreiden onder hun achterban. Met DuurzaamDoor proberen we een aanvulling te zijn op andere programma’s, gaten te dekken waar anderen nog niet actief in zijn. Maar het blijft moeilijk dingen breed bij gemeenten te krijgen.’ Nederland heeft ambitieuze klimaatdoelen geformuleerd, maar de praktijk blijft voorlopig achter. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) meldde eind 2019 al dat zelfs als alle maatregelen in het Klimaatakkoord volledig worden gehaald, Nederland de gestelde klimaatdoelen niet haalt. Een versnelling of intensivering van de duurzame plannen lijkt daarom raadzaam, maar dan zijn er wel middelen nodig, zegt Brandligt. ‘De grote bottle­neck van gemeenten is het financiële plaatje. Alles is helemaal uitgeknepen, van cultuur tot sport tot ook duurzaamheid. Bovendien worden gemeenten langzaamaan een uitvoeringskantoor van het rijk, met weinig mogelijkheden voor eigen beleidsvrijheid. Op papier is die er wel, maar als je geen geld hebt houdt het snel op.’

Delft naar Groningen Naast geld zijn tijd en energie essentieel om de grote transities waarop DuurzaamDoor zich richt te doen slagen. In Delft ziet Brandligt veel enthousiasme en duurzame ambitie. ‘Ook in mijn eigen gemeente gebeurt veel meer dan ik weet.’ Toch speelt ook in Delft het probleem van het verspreiden van kennis. ‘De mensen die het leuk vinden om te experimenteren, zijn niet per se de mensen die kennis kunnen of willen verspreiden,’ legt Brandligt uit. ‘Om dat te doen, van Delft naar Groningen, heb je een ander type mens nodig. En daar komt weer de capaciteit om de hoek kijken. Willen we niet langer incidenteel, maar structureel verduurzamen, dan moet er gewoonweg een tandje bij.’ ◼

Deel dit artikel