Keuzes in duurzaamheid

Beter voorbereid door te leren voor morgen

Keuzes in duurzaamheid

Beter voorbereid door te leren voor morgen

Tekst Ellen Röling Beeld Eco-school Neptunus Amsterdam (techniekbeeldbank) | Klimaatjes

Een duurzame en sociale samenleving vraagt inwoners die over de kennis en vaardigheden beschikken om daaraan bij te dragen, als burger en als professional. Daarom zet de Coöperatie Leren voor Morgen zich in om duurzaamheid stevig in het onderwijs te verankeren. Leren voor Morgen is aangewezen als landelijke coördinator van de internationale Sustainable Development Goal voor Kwaliteitsonderwijs (SDG4) in Nederland.

De kiem voor Leren voor Morgen werd gelegd in 2004. ‘Duurzaamheid had in die tijd nog geen vaste plek in het curriculum,’ vertelt Ellen Leussink. Ze is als programma-adviseur en onderwijsexpert in het kennisprogramma DuurzaamDoor vanaf het begin bij Leren voor Morgen betrokken. ‘Er waren wel overal docenten en bestuurders die iets met duurzaamheid in het onderwijs wilden. We hebben toen netwerken per onderwijssector opgericht: Duurzame Pabo, Duurzaam MBO, Duurzaam Hoger Onderwijs, Studenten voor Morgen. Netwerken van onderop die personen en partijen met elkaar verbonden om samen te leren en te ontwikkelen.’ Toen de netwerken ook onderling meer afstemming en samenwerking wilden, ontstond in 2016 de Coöperatie Leren voor Morgen, één netwerkorganisatie die zich inzet voor verankering van duurzame ontwikkeling in alle onderwijssectoren: van peuter tot professional. Leussink: ‘De coöperatie fungeert als Participatietafel Onderwijs binnen het programma DuurzaamDoor en zorgt voor verbinding tussen docenten, scholen en organisaties die verder willen met duurzame ontwikkeling in het onderwijs. Het onderwijs kan leerlingen de ervaringen, kennis en de skills bijbrengen die ze in hun latere leven nodig hebben wanneer ze voor duurzaamheidskeuzes komen te staan.’

Lobby ‘Dat Giuseppe van der Helm, directeur van Leren voor Morgen, in 2017 is aangewezen als coördinator van de alliantie rond SDG4 in Nederland, is een belangrijke mijlpaal,’ stelt Leussink. De Sustainable Development Goals vormen internationaal een kompas voor een duurzame wereld, en ook voor mensenrechten en gendergelijkheid. ‘Als SDG4-coördinator krijgt Leren voor Morgen – en haar leden – extra gewicht in de gesprekken met overheden, bedrijfsleven en ngo’s over het belang van aandacht voor duurzame ontwikkeling in het onderwijs.’ Toen het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in 2019 specialisten uitnodigde om mee te denken over vernieuwing van het curriculum van het basis- en voortgezet onderwijs in Nederland (Curriculum.nu), zat Leren voor Morgen aan tafel. Leussink: ‘Mede dankzij het goede werk van het Leren voor Morgen-team en enkele leden werd duurzaamheid een van de centrale thema’s. Dat is een fantastisch resultaat.’

Whole School Approach Duurzaam onderwijs gaat verder dan het opnemen van duurzaamheid als thema in het curriculum. ‘Scholen kunnen bijdragen aan een levenshouding waarin duurzaam handelen een vanzelfsprekendheid is of wordt,’ aldus Leussink. ‘Om ze daarbij te helpen koos de coöperatie voor de Whole School Approach als methode en kapstok. Dit is een bestaand, internationaal gebruikt model dat scholen een raamwerk biedt om stap voor stap volledig te verduurzamen. Daarbij is aandacht voor visie, curriculum, didactiek, omgeving, professionalisering en bedrijfsvoering. Als school hoef je niet alles in een keer te doen. Je kunt ook beginnen met zonnepanelen op het dak en daarover uitleg geven aan de leerlingen in de les.’ ‘Dankzij de systematiek kunnen we vragen die bij ons binnenkomen beter stroomlijnen. Als de schoolleider van een basisschool belt omdat ze iets met duurzaamheid wil, kunnen we heel gericht uitvragen wat precies de bedoeling is: gaat het over lesmateriaal, over competenties van docenten of over de verduurzaming van het gebouw? Per sector kunnen we ze vervolgens doorverwijzen naar een specialist op dat gebied.’

‘Duurzaam onderwijs is meer dan duurzaamheid als thema in het curriculum’

Lesmaterialen Binnen de coöperatie leren de leden samen en worden activiteiten per onderwijssector, regio of centraal georganiseerd, zoals de Duurzame Docent van het jaar-verkiezing op 10-10, de landelijke Dag van de Duurzaamheid in het onderwijs. Ook is er aandacht voor ontwikkeling van lesmateriaal. ‘Shell, Greenpeace, de bakker om de hoek, er zijn veel externe partijen die lesmateriaal over duurzaamheid ontwikkelen. Er zit veel kaf tussen het koren. Daarom hebben we in samenwerking met Kennisnet kwaliteitscriteria opgesteld waarmee we lesmateriaal objectief kunnen beoordelen.’ Een geslaagd voorbeeld is bijvoorbeeld de Bosatlas van de Duurzaamheid. ‘Daarvoor is door leden van de coöperatie een lespakket geschreven dat tezamen met een exemplaar van de Bosatlas is aangeboden aan biologiedocenten in het voortgezet onderwijs. Een tweede voorbeeld is de samenwerking tussen Leren voor Morgen en ISSO (kennisinstituut voor bouw- en installatietechniek, red.) in Circular Skills. Dat is een programma voor het mbo waarin we samen met de installatiesector kijken welke kennis en vaardigheden nodig zijn voor circulair bouwen en installeren en hoe het onderwijs daarop kan worden afgestemd.’

Lerende evaluatie De afgelopen jaren is veel bereikt, maar er moet ook nog veel gebeuren, stelt Leussink. ‘Aandacht voor duurzame ontwikkeling in het onderwijs moeten we toekomstbestendig maken. Daarom is het belangrijk dat we de losse, met subsidies gefinancierde netwerkstructuur, hebben omgezet in een coöperatieve vorm. We hopen dat het zo op termijn makkelijker wordt om onafhankelijke financieringsstromen te creëren voor het belangrijke werk van de leden van de coöperatie. De eerste jaren van de coöperatie waren spannend. Maar we hebben de pioniersfase overleefd: de organisatie staat, iedereen is aan boord. In een lerende evaluatie – waar we nu volop in zitten – zullen we samen terugkijken en onderzoeken we hoe we verdere professionalisering van organisatie, inhoud en uitvoering vorm kunnen geven.’

Loket De grote winst van de afgelopen jaren is dat Leren voor Morgen er goed in is geslaagd om het loket te worden voor iedereen die vragen heeft op het snijvlak van duurzaamheid en onderwijs, stelt Leussink vast. ‘Binnen de coöperatie hebben we aanspreekpunten per sector en per expertiseveld. En overheden, bedrijven of andere partijen die iets willen met duurzaamheid op lokaal en regionaal niveau kunnen we, via onze leden, verbinden met onderwijsinstellingen op die locatie.’ ◼

Deel dit artikel