Onbevreesd voor de goede zaak
Tekst Jelle van der Meulen Beeld Dream Exposure
In Blik op de uitvoering brengt Publiek Denken de dagelijkse werkzaamheden van ambtenaren in beeld. In deze editie Marietta Harjono, die niet bang is om grote industrieën het vuur aan de schenen te leggen.
Marietta Harjono: ‘We proberen stap voor stap het systeem te veranderen’
Vandaag is het “brandstoffendag” voor Marietta Harjono, morgen is het “kledingdag”, refererend aan de twee grote projecten waar de coördinerend specialist bij de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) zich momenteel mee bezighoudt. Voor beide is ze veel op pad; mensen spreken, organisaties bezoeken en hoog internationaal overleg met tal van instanties. ‘Dat is het leuke van dit werk: lekker met je voeten in de klei. Ik ben niet het type om 8 uur achter de computer te zitten.’ Als toezichthouder van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat houdt de ILT ruim 160 thema’s in de gaten, van schoon drinkwater tot veiligheid in het openbaar vervoer. Een deel van de ambtenaren houdt toezicht. Zij leggen bedrijfsbezoeken af en voeren inspecties uit. Daarnaast zijn er een programma-afdeling en onderzoeksteam dat ‘buiten de eigen instrumenten om’ kijkt welke maatschappelijke thema’s belangrijk zijn om in te duiken, legt Harjono uit. ‘Wat is een probleem in een bepaalde markt, wat speelt er?’
Grote schade Bijvoorbeeld op het gebied van brandstof. Vanuit de Amsterdamse haven worden al jarenlang voertuigen en brandstof vervoerd naar West-Afrika. Die bleken, na uitvoerig onderzoek van de ILT, van ‘heel slechte kwaliteit’, aldus Harjono. ‘De brandstoffen (bestaande uit reguliere brandstof vermengd met reststromen uit de chemische industrie, red.) zijn superschadelijk voor de gezondheid van mensen, voor voertuigen en het klimaat. Daar moesten we dus iets aan doen.’ De bestaande afvalwetgeving bood geen soelaas, dus zochten Harjono en haar collega’s een ander middel. Dat vonden ze in een zorgplichtartikel uit de Wet milieubeheer. ‘Daarin staat dat als je weet dat iets schadelijk is, je alles moet doen wat redelijkerwijs in je mogelijkheden ligt om die schade te beperken.’ Met de beleidsregel die Harjono aan de hand daarvan schreef, toog ze samen met collega’s naar de oliebedrijven. ‘Die houden niet zo van wetgeving en zijn niet happig op verandering,’ glimlacht ze. De zaak eindigde bij de rechter, die de ILT in het gelijk stelde, waarna strengere normen gingen gelden.
Terugduwen De brandstoffenzaak laat zien wat er zoal bij haar werk komt kijken, zegt Harjono: durven te experimenteren, niet bang zijn en terugduwen bij weerstand. Het zal haar goed van pas komen bij het onderwerp waar ze nu haar tanden in zet: de kledingindustrie. ‘Nederland is de sorteerkampioen van afgedankte kleding, die we vervolgens exporteren. Wij vermoeden dat veel van de kleding die ultra fast fashion-bedrijven op de markt zetten eigenlijk niet geschikt is voor tweedehands gebruik en recycling. Daardoor is er een groter risico dat ze verbrand worden of ongecontroleerd in het milieu terechtkomen van kwetsbare landen. Dat moet anders kunnen.’ Ook geen eenvoudige taak, met opnieuw een industrie die verandering en verduurzaming niet bepaald boven aan het prioriteitenlijstje heeft staan. ‘Maar we gaan het gewoon weer proberen, om stapje voor stapje het systeem te veranderen.’ ◼
Deel dit artikel