WETENSCHAP | Next Gen Ambtenaar
Tekst Rutger van den Dikkenberg Beeld Gideon Borman

Druk op de rode knop van je geweten
Moreel herstelwerk
Wat betekent het vandaag de dag om ambtenaar te zijn? In een tijd waarin het vertrouwen in de overheid onder druk staat en maatschappelijke spanningen toenemen, groeit het besef dat vakmanschap meer vraagt dan procedurele zorgvuldigheid alleen. In zijn boek Erewoord raakt schrijver en filosoof Erik Pool aan een kernvraag die veel ambtenaren zich stellen: waar ligt mijn eigen verantwoordelijkheid?
‘Steeds vaker wordt de taal van de macht gebruikt in plaats van de kracht van het argument’
Erik Pool was vijf jaar lang, tot de afgelopen jaarwisseling, directeur van het rijksbrede programma Dialoog & Ethiek. Dat is gestart naar aanleiding van de toeslagenaffaire en is bedoeld om het ethisch vermogen binnen het vakmanschap van ambtenaren te verbeteren. Zoals gezegd, schetst hij in zijn recent verschenen boek Erewoord. Zakboek ethiek voor ambtenaren het ‘moreel herstelwerk’ dat nodig is om het vertrouwen in de overheid, en de betrouwbaarheid van diezelfde overheid te herstellen. De toeslagenaffaire, de gaswinning in Groningen, de stikstofproblematiek; het zijn allemaal gevolgen van ‘een tekort aan handelen of juist verkeerd handelen door de overheid’, zegt Pool. Het zijn de consequenties van politieke beslissingen, benadrukt hij. ‘Maar ambtenaren hebben het dienen van de politiek veel te ruimhartig en ongeclausuleerd ingevuld. Ze hebben echter ook een eigen verantwoordelijkheid.’
Gradueel veranderd Pool wijst op de ambtseed, waarin ambtenaren trouw zweren aan de Grondwet en beloven zich in te zetten voor het algemeen belang. Ambtenaren zouden vaker moeten aangeven waar de ondergrens ligt, zegt hij. ‘Eigenlijk zouden ze een rode knop moeten hebben waarmee ze een beleidstraject kunnen stopzetten. Niet omdat ze het er niet mee eens zijn, maar omdat ze iets niet mogen uitvoeren, omdat het strijdig is met de Grondwet of Europese verdragen.’ In de vijf jaar dat Pool programmadirecteur was, is de wereld ‘gradueel veranderd’, ziet hij. ‘Er is meer spanning rondom het ambtelijk werk dan voorheen. De intensiteit en de frequentie daarvan zijn enorm toegenomen.’ Geopolitieke spanningen en klimaatverandering zorgen ervoor dat de vraagstukken urgenter worden en dat het debat verhardt, sociale media maken het makkelijker voor inwoners om bestuurders de maat te nemen en om als politicus te laten zien dat je er bent voor je achterban. ‘Het simpele idee dat de meerderheid beslist, is geen goed democratisch idee. Het past niet bij ons systeem, maar bij een ander soort samenleving.
Voormalig asielminister Marjolein Faber (PVV) liet met haar opmerking ‘ik ben beleid’ nogal wat wenkbrauwen fronzen. Een ‘bijna keizerlijke uitspraak’, zegt Pool. ‘Maar als bestuurder mag je het niet zeggen, vind ik, en al helemaal niet uitvoeren. Dat is namelijk strijdig met het feit dat bestuurders trouw zweren aan de Koning en aan de Grondwet, en daarmee aan de samenleving. En dus niet alleen aan je eigen belangen of die van je achterban.’ Pool hoort ook op lokaal niveau van ambtenaren dat wethouders steeds vaker niet op de inhoudelijke argumenten reageren, maar vooral wijzen op hoeveel stemmen ze hebben gekregen. ‘Dan wordt de taal van de macht gebruikt in plaats van de kracht van het argument. De democratie is daar het eerste slachtoffer van. Als ambtenaren moeten we daar iets tegen inbrengen. Want ons werk is gebaseerd op de kracht van het argument. Als we dat niet meer mogen gebruiken, verliezen we ons bestaansrecht als vakgroep. En dan verliest Nederland de kwalitatief goede ambtelijke dienstverlening die nodig is om een land of stad goed te kunnen besturen.’
Slavernijverleden Moreel herstelwerk begint bij erkenning van het feit dat de overheid dingen niet goed gedaan heeft. Pool wijst op het gebrek aan lerend vermogen. ‘Daardoor blijf je vastzitten in oud gedrag.’ Een goed voorbeeld, zegt hij, zijn de excuses voor het slavernijverleden. ‘Daarmee corrigeer je dat verleden niet. Maar door erkenning te geven aan het feit dat mensen daar nu nog klachten van ondervinden, kun je met elkaar spreken over wat je kunt doen om de problemen op te lossen. Dat is moreel leiderschap en daar ontbreekt het aan op dit moment.’ Het vraagt van bestuurders om beter te kijken naar wat goed is voor de samenleving als geheel, zegt Pool. En het vraagt van ambtenaren dat ze scherper in beeld hebben wat het betekent om ambtenaar te zijn, en welke spelregels daarbij horen. De Grondwet volgen, de burger centraal stellen. En altijd de waarheid spreken, ook al is dat niet de boodschap die de bestuurder horen wil. ‘Als we dat voor onszelf helder krijgen, onderhouden en toepassen, dan staan we als collectief sterker. Daarmee staan we krachtiger en kunnen we politiek en bestuur beter van dienst zijn. Dat betekent niet dat ambtenaren zelf het bestuurlijke spel moeten spelen, maar zo kunnen we helpen om het beter te onderbouwen en meer op koers te houden.’ ◼
‘Ambtenaren hebben het dienen van de politiek te ruimhartig ingevuld’
Deel dit artikel