Patstelling debat warmtenetten

Haast is geboden

Tekst Bas Nieuwenhuijsen

Beeld Hollandse Hoogte

Warmtenetten kunnen een belangrijke rol spelen bij het afbouwen van het aardgasnet. Toch stagneert de ontwikkeling en aanleg ervan in Nederland. Natuur en Milieu pleit voor een doorbraak.

‘Laat Den Haag helderheid scheppen over het marktmodel’

Warmtenetten bestaan uit leidingen, die warm water naar huizen vervoeren om die te kunnen verwarmen. Een warmtenet aanleggen voor één gebouw is niet zinvol, maar voor complete wijken kan het systeem wel een oplossing zijn: stadsverwarming voorziet in een aantal steden al jaren hele wijken van verwarming. Toch hebben warmtenetten tot nu toe geen erg grote vlucht genomen. De aanleg vergt een flinke investering, er is geen individuele keuzevrijheid en de verwarming van het water veroorzaakt vaak nog CO2-uitstoot. ‘Het is wel een belangrijk alternatief voor het aardgasnet,’ zegt Wilma Berends, programmaleider Energie Gebouwde Omgeving van Natuur en Milieu. ‘Maar rond warmtenetten is een patstelling ontstaan.’


Ondoorzichtig

Die patstelling is volgens Berends te wijten aan discussies over de kosten en de rol van netbeheerders. ‘Stadsverwarming wordt ook weleens stadsverarming genoemd, omdat de afnemers te veel zouden betalen. De tarieven zijn aan een maximum gebonden: je betaalt nooit meer dan je kwijt bent als je aardgas gebruikt. Maar er kunnen kosten bij komen voor het net. De kostenberekening is niet transparant. Afnemers van stadswarmte vinden soms dat ze teveel betalen. Bovendien hebben afnemers geen keuzevrijheid en kunnen ze niet overstappen. Het warmtenet is in handen van een producent, die ook levert en daardoor een monopoliepositie heeft.’

‘Natuur en Milieu vindt dat warmtenetten deel uitmaken van de vitale infrastructuur en dat netbeheerders een grotere rol moeten krijgen. Netbeheerders kunnen de kosten van hun warmtenetten uitsmeren over alle aangesloten afnemers. Private partijen mogen dat niet, die berekenen kosten per net. Laat Den Haag helderheid scheppen over het marktmodel. Dan kan het aantal warmtenetten, en dus het aantal woningen zonder gasaansluiting, groeien van 400.000 huizen nu, naar 3 miljoen in 15 jaar tijd.’


Duurzamer

Natuur en Milieu bepleit ook een overstap op duurzame warmtebronnen. ‘Er wordt nu nog veel gebruik gemaakt van industriële restwarmte, onder meer van raffinaderijen, energiecentrales en afvalverbranding. De CO2-uitstoot moet worden verminderd, dus moeten we naar meer duurzame bronnen, zoals geothermie en aquathermie: het onttrekken van warmte uit de bodem en het oppervlaktewater. Energie uit biomassa is meestal niet zo duurzaam.’

Berends vindt dat haast geboden is. ‘Het debat over de rol van netbeheerders moet nog dit jaar worden beslecht, dan moet er een einde aan die strijd komen en duidelijk zijn welke kant we opgaan. Als we niet meer warmtenetten aanleggen en duurzame warmtebronnen gaan gebruiken, kan de aardgaskraan in Groningen niet dicht, blijven we langer van aardgas afhankelijk en halen we de klimaatdoelstellingen niet.’ ◼


Meer informatie? Op de website van Natuur en Milieu leest u Warmtenetten in de energietransitie: een verkennend onderzoek naar knelpunten op basis van interviews met Zuid-Hollandse gemeenten.

‘Als we niet meer warmtenetten aanleggen, kan de aardgaskraan in Groningen niet dicht’

Deel dit artikel